Stichting VredesWetenschappen, Visie en Missie - Oktober 2004
Een actueel appèl
Op 23 september 2003 sprak de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan, de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties toe. Hij herinnerde aan de gedeelde visie van mondiale solidariteit en collectieve veiligheid, welke drie jaar eerder door de regeringsleiders in de Millenniumverklaring tot uitdrukking werd gebracht. Hij stelde vast dat recente gebeurtenissen twijfel hebben doen rijzen over die eensgezindheid. Er zijn, aldus de Secretaris-generaal nieuwe vormen van terrorisme en nieuwe bedreigingen door massavernietigingswapens. Maar terwijl sommigen dit alles met vanzelfsprekendheid als de grootste bedreigingen van de wereldvrede zien, voelen anderen zich directer bedreigd door massale toepassing van 'kleine wapens' in burgeroorlogen, of door de zogenaamde 'zachte' bedreigingen, als extreme armoede, groeiende ongelijkheid, besmettelijke ziekten, klimaatsverandering en milieuontwrichting. De Verenigde Naties hebben niet te kiezen welke bedreigingen zij wel serieus neemt, welke niet. Zij moeten zowel de nieuwe als de oude, zowel de harde als de zachte bedreigingen onder ogen zien. Kofi Annan herinnerde vervolgens aan de strijd voor ontwikkeling en vermindering van armoede, te beginnen met het bereiken van de Millenniumdoelstellingen; de gemeenschappelijke strijd om ons gemeenschappelijk milieu te beschermen; de strijd voor mensenrechten, democratie en goed bestuur.
Deze rede van Annan tot de Algemene Vergadering is nog steeds een actueel appèl, dat verder reikt dan de VN. De visie van mondiale solidariteit en collectieve veiligheid, waar hij naar verwijst, raakt ons allen. Deze visie te realiseren, een "vredescultuur tot stand brengen, is de grootste uitdaging van de 21ste eeuw. Alle positieve krachten dienen daartoe gemobiliseerd te worden. In het onderstaande wordt dit appèl geconcretiseerd en toegespitst op de wetenschap, maar wel in nauwe verbinding met maatschappelijke organisaties, politiek en bedrijfsleven.
Tinbergen en Röling
In de tweede helft van de vorige eeuw leefde alom de gedachte, ook in Nederland, om wetenschapsbeoefening direct in dienst te stellen van de bevordering van vrede. "Het meest nodige is nu het organiseren van de vrede", zei Jan Tinbergen, toen hij in 1967 de Erasmusprijs ontving. Hij kende daarbij met name aan de economie een belangrijke rol toe, en gaf daar in heel zijn werk vorm aan. Tezelfdertijd bepleitte en realiseerde B.V.A. Röling de polemologie als wetenschap van oorlog en vrede. De tijden zijn veranderd, de Koude Oorlog is voorbij. Maar vooral de gebeurtenissen van de laatste jaren, waarnaar Kofi Annan verwijst, hebben op dramatische wijze duidelijk gemaakt hoe gigantisch de uitdagingen zijn, ook voor de wetenschappen. Er is duidelijk behoefte aan een nieuwe impuls.
Stichting VredesWetenschappen
Twee organisaties die hun sporen op het terrein van vredeseducatie en -onderzoek verdiend hebben, te weten de Stichting Leerstoelen Vredesopbouw en de Vereniging voor Economie en Vrede, hebben daarom de handen ineen geslagen. De Stichting Leerstoelen Vredesopbouw, opgericht in 1981, kan bogen op een lange traditie van actieve vredeseducatie in Nederland.
De Vlaams-Nederlandse Vereniging voor Economie en Vrede werd - onder de naam "Economen voor Vrede - in 1990 opgericht op initiatief van Jan Tinbergen. Zij maakt deel uit van de internationale organisatie ECAAR. Beide genoemde organisaties hebben thans een nieuwe stichting in het leven geroepen onder de naam Stichting VredesWetenschappen.
De visie van deze Stichting sluit nauw aan bij de rede van Kofi Annan. Zij heeft als missie de bevordering van interdisciplinaire wetenschappelijke samenwerking - in onderwijs en onderzoek, met name aan Instellingen van Hoger Onderwijs - gericht op het scheppen van voorwaarden voor vrede. Een daarvoor in aanmerking komend middel is instelling van bijzondere leerstoelen op onderscheiden vakgebieden. Beoogd wordt op den duur te komen tot een netwerk van met elkaar samenwerkende bijzondere leerstoelen, die tezamen het wetenschappelijke inzicht in de voorwaarden voor vrede vergroten en zo de vertaling van die kennis in beleid bevorderen.
voorwaarden voor vrede
Wij leven temidden van allerlei kwaadaardige zichzelf versterkende processen, die vrede bijkans onmogelijk lijken te maken. Er zijn zekere wetmatigheden die deze vicieuze cirkels beheersen. Zo bestaat er een onmiskenbare kwaadaardige cirkel tussen armoede en geweld. Het begrijpen van deze wetmatigheden, en van de voorwaarden waaronder deze wetmatigheden gelden, is belangrijk. Maar onderzoek moet daar niet bij blijven stilstaan. Kansen voor vrede ontstaan, als kwaadaardige verbanden hun geldigheid verliezen. Onder welke voorwaarden gebeurt dat? Wat zijn de voorwaarden waaronder elkaar positief versterkende processen de overhand krijgen?
Academisch onderzoek en onderwijs kunnen op eminente wijze bijdragen juist aan die laatste voorwaarden, door openingen aan te geven voor zichzelf versterkende processen in positieve richting. Daartoe moeten deze academische activiteiten interdisciplinair en geëngageerd worden verricht. In concrete processen spelen immers vele variabelen op uiteenlopende gebieden een rol, waaronder vooral ook maatschappelijke en politieke bewustwording. Met een zekere nadruk op het bewustwordingsproces en op de educatieve voorwaarden voor vrede zou men kunnen spreken over de opbouw van een "vredescultuur", waarin al deze voorwaarden verankerd worden.
De overtuiging dat vrede bereikbaar is, mits er systematisch en tegelijkertijd in de verschillende sectoren van de samenleving gewerkt wordt aan het scheppen van voorwaarden voor vrede, is de achtergrond van de oproep van Kofi Annan. Deze overtuiging vormt ook de grondslag van de Stichting VredesWetenschappen. De Stichting mikt daarom met nadruk op een breed proces van communicatie tussen academische instellingen en maatschappelijke organisaties, politiek en bedrijfsleven, mede met het oog op het daadwerkelijk bereiken van een breed en gevarieerd publiek. Ten dienste van dat proces wil de Stichting een bijdrage leveren aan een netwerk van bijzondere leerstoelen, te vestigen aan verschillende instellingen van Hoger Onderwijs en betrekking hebbende op onderscheiden voorwaarden voor vrede.
een concrete start
De nieuwe Stichting hoopt haar activiteiten te beginnen met het vestigen van een tweetal leerstoelen. Voorbereidende gesprekken zijn daartoe gevoerd met de Universiteit Utrecht over de vestiging van een leerstoel "Vredesopbouw en de Rechtsstaat" en met het Institute of Social Studies in Den Haag over de vestiging van een leerstoel "Economie en Vrede", beiden in eerste instantie voor een periode van vijf jaar.
In overeenstemming met het bovenstaande verdienen - bij de nadere invulling der leeropdrachten - met name de met elkaar samenhangende aspecten van "rechtsstaat" en "economie de aandacht, welke een positieve rol spelen als "voorwaarden voor vrede". Zo zou de kwaliteit van de rechtsstaat als grondslag voor vrede in verband kunnen worden gebracht met de feitelijke bescherming en bevordering van "mensenrechten", waaronder de sociaal-economische rechten. Dit laatste staat niet los van economische mogelijkheden, welke op hun beurt mede bepaald worden, niet alleen door interne factoren, maar in toenemende mate ook door internationale ontwikkelingen en beleid, zowel in de economie als de internationale rechtsorde.